Colloquium “Nationale bewegingen en geschiedschrijving”

affiche voor het colloquium
praktisch: 
Congrescentrum 't Elzenveld, Antwerpen
15-10-2004 | 9:00
15-10-2004 | 17:00
contactpersoon: 
Luc Boeva
organisator: 
ADVN i.s.m. Universiteit Antwerpen, Universiteit Gent, K.U.Leuven en Vrije Universiteit Brussel

De geschiedschrijving van de Vlaamse beweging en van andere nationale bewegingen in Europa

 

Context

 

Het colloquium bood een reflectie op de historiografische productie betreffende de nationale bewegingen. Dat zijn politiek-sociale bewegingen met de natie als kernidee en het nationalisme als motor. Zij zijn tegelijk staat-vormend en staat-ontbindend en hebben mede daardoor de laatste twee eeuwen een belangrijke rol gespeeld in de samenleving en in de internationale politiek.
De nationale bewegingen worden gevormd door personen, genootschappen, verenigingen, organisaties, acties, gebeurtenissen, symbolen, ideologieën... Hun geschiedenis en die van de beweging als geheel, vormen het onderwerp van zeer talrijke geschiedkundige publicaties.
Aan de hand van enkele representatieve casussen werden onderlinge parallellen en verschillen gedetecteerd in de geschiedschrijving van nationale bewegingen.
De onderzoeksvragen die daarbij aan bod kwamen, betroffen onder meer:
• de eventuele divergentie met de algemene geschiedschrijving en die van andere sociale bewegingen;
• het interdisciplinair karakter van het onderzoek; de aandacht in de geschiedschrijving voor theorievorming en comparatieve studies;
• de aandacht voor bepaalde thema’s of periodes;
• de specifieke ‘infrastructuur’ waarover de geschiedschrijving van de nationale beweging beschikt (instellingen, organen, leerstoelen enz.);
• de invloed van de verhouding tussen massa-aanhang en elite in de beweging, van het overwicht van civiel of etnisch nationalisme, van het succes of de frustratie van de beweging, naast andere factoren;
• de eventuele weerslag van de evolutie van het natiebegrip en de nationale identiteit op de paradigma’s in de geschiedschrijving van de beweging;
• de invloed van het geopolitieke kader;
• de specificiteit van het spanningsveld tussen de participerend-partizane geschiedschrijving en de wetenschappelijk-professionele historiografie;
• de receptie en de maatschappelijke rol van de geschiedschrijving van de nationale beweging; de rol van het geschiedenisonderwijs: het omgaan met het verleden van de beweging.

De historiografie van de Vlaamse beweging vormde daarbij het uitgangspunt. Zij werd vergeleken met de geschiedschrijving van een reeks andere nationale bewegingen.

 

 

colloquiumFJV_96_722x480.jpg

foto Frans-Jos Verdoodt
Frans-Jos Verdoodt tijdens de opening van het colloquium.

 

 

Het colloquium

 

Het colloquium omvatte drie delen.

Het eerste luik schetste de geschiedschrijving m.b.t. de Vlaamse beweging. Daarnaast kwamen de casussen aan bod die er binnen de Belgische context mee verbonden zijn: Wallonië en Brussel.

De Waalse beweging ontstond immers als reactie op de Vlaamse strijd en vormt mede daardoor een specifieke casus voor de geschiedschrijving.
In Brussel worden verschillende nationale bewegingen rechtstreeks met elkaar geconfronteerd. De specifieke casus kwam aan bod in een afzonderlijke bijdrage.
In het laatste referaat van dit onderdeel van het colloquium, werd voor die casussen de rol van de historici belicht in het discours rond etnisch en civiel nationalisme.
In het tweede deel werd de geschiedschrijving van drie buitenlandse nationale bewegingen onder de loupe genomen: de Catalaanse, de Oost-Europese en de Bretoense. De Catalaanse nationale beweging evolueert binnen een staat met andere nationaliteiten. De Oost-Europese nationale bewegingen situeerden zich in een door externe factoren ontbrekende of onzekere eigen nationale staat. De derde nationale beweging die aan bod komt, de Bretoense, kende veel minder succes.

In het slotgedeelte werd aan de hand van de gevalsstudies een antwoord geformuleerd op de centrale onderzoeksvragen van het colloquium. Die betreffen in essentie de overeenkomsten en de uniciteit van de (evolutie van de) geschiedschrijving van nationale bewegingen.

Aan het colloquium namen volgende sprekers deel: Frans-Jos Verdoodt (ADVN), Marnix Beyen (UA), Chantal Kesteloot (SOMA), Harry Van Velthoven (Hogeschool Gent & VUB – Centrum voor de Interdisciplinaire Studie van Brussel), Maarten Van Ginderachter (UG), Enric Ucelay-Da Cal (Universitat Autonoma de Barcelona), Idesbald Goddeeris (K.U.Leuven), Yann Fournis & Tudy Kernalegenn (Centre de Recherches sur l‘Action Politique en Europe (CRAPE), Institut d'Etudes Politiques de Rennes (IEP)). De conclusies werden geformuleerd door Louis Vos (K.U.Leuven). Het colloquium stond onder het voorzitterschap van Bruno De Wever (UG) en Herman Van Goethem (UA).

 

Van het colloquium is een verslagboek beschikbaar: "Nationale bewegingen en geschiedschrijving. Acta van het colloquium over de geschiedschrijving van de Vlaamse beweging en van andere nationale bewegingen in Europa / National movements and historiography. Proceedings of the symposium on the historiography of the Flemish movement and of other national movements in Europe", bijzonder nummer bij de jaargang 64, 2005 van Wetenschappelijke tijdingen.

 

Publieksmomenten

Het ADVN organiseert regelmatig lezingen, colloquia, tentoonstellingen en andere activiteiten voor het brede publiek.
Een aantal van deze activiteiten worden in een reeks georganiseerd:

-

-